Skip to main content

Hic sunt leones. 

In juni 2008 verscheen het cultboek “De zwarte zwaan” van Nassim Nicolas Taleb. Hij omschreef onze wereld als Extremistan: een wereld gedomineerd door zeldzame gebeurtenissen. Taleb wees er op hoe beperkt en fragiel onze op observaties en ervaring gestoelde kennis is.

Fragiliteit bleek in elk geval het codewoord voor 2025. Wat jarenlang vanzelfsprekend en onaantastbaar leek, bleek plots broos: vrede, rechtsstaat, koopkracht, expertise, waarheid, vertrouwen (…). De illusie van beheersbaarheid en controle doofde kaarsmatig in de wervelstorm van de permanente retorica van de dreigende regressie.

Het polla ta deina (πολλὰ τὰ δεινά) uit de Antigone van Sophocles krijgt steeds meer de connotatie van “Veelvuldig is het angstwekkende.” in plaats van zijn duale antipode “Veelvuldig is het wonderlijke.”

Quaestio mundus factus est. De toekomst is niet meer wat ze geweest is.

Het tijdelijke, de uitzondering, crisistaal en de noodtoestand werden in 2025 het nieuwe normaal. Elke uitzondering is ondertussen zo vaak toegepast dat ze aanspraak maakt op anciënniteit.

Necropolitiek, transactioneel machtsdenken en morele myopie domineren het wereldtoneel. Hoffelijkheid keert de wereldgeschiedenis duidelijk geen bonussen meer uit nu aanvallen goedkoper is geworden dan verdedigen. De internationale liberale wereldorde wordt niet formeel opgeheven, maar wel herleid tot een hoogst optioneel decorstuk. De beperkte omvang van de aarde wordt een destabiliserende kracht nu grootmachten zich gevangen weten op een eindige planeet. Deze thermodynamische proceslogica kan zelfs niet door de toverformule van de emergentie en de zelforganisatie  tot bedaren worden gebracht.

Het klimaat confronteert ons met fysieke grenzen die niet te onderhandelen zijn. IJsland kende met 20 graden zijn warmste kerst ooit en vlinders worden alsmaar meer door teken vervangen. In het beste geval wacht ons een periode van aards vagevuur waarbij de zondaars die zich weten te redden een beroerde kuur moeten doorstaan.

De Verenigde Staten, de grootste democratie ter wereld -het enige land waar mensen naar het zuiden trekken om er nog harder te werken- blijft formeel functioneren, maar polariseert inhoudelijk ongezien onder de charismocratische verleiding.

Ondanks een oorlog met Pantagrueleske dimensies op het Europees grondgebied draait de regelmachine van de Unie van accountantsdenkers lustig door: juridisch verfijnd, politiek noodzakelijk, maar maatschappelijk moeilijk uitlegbaar. Men vergeet steevast dat er geen onderdaan is die zich laat mobiliseren voor een efficiënte, flexibele, agile of ondernemende overheid. Hoeft het te verwonderen dat de kamertemperaturen van de Europeaan volcontinu worden ingesteld op verminderd doorzettingsvermogen…?

In eigen land worden tekorten genormaliseerd en zijn regeringen in lopende zaken een structureel gegeven, met het wereldrecord bestuurlijke machteloosheid in Brussel als principaal exponent. Eén en ander zelfs in die mate dat het zowaar onze -anders zo minzame en zoetgevooisde- koning begint te enerveren.

Met ongezien uitstelgedrag kopieert de moderne welvaartsstaat de beurs van Fortunatus in grote stijl in de vorm van de staatskas onder het Keynesiaans motto: “In the long run we are all dead”.

Betonnen burgers en de maatschappelijke sclerose

De fragiele doomscrollende gramstorige burger, die vrijheid opeist maar moeite heeft met zelfbeperking, benoemt ondertussen in een querelantenwaan alles als een schandaal. Elk verschil is onderwerp van jaloers en larmoyant debat.

Geloof in de toekomst is vervangen door boosheid omdat die er nog niet is. Rupske Nooitgenoeg gaat van de bureaucratische staat alles verwachten en deze tegelijk verafschuwen om de druk die de verguisde Leviathan uitoefent in het leven van alledag.

Stress, burn-outs, depressieve gedachten of angstgevoelens verhinderen de lethargische burger niet om op reis te gaan met een doktersattest ‘mag de woonst verlaten’ op zak. Wie spreekt nog over plicht, zorg en aansprakelijkheid in een monocultuur van rechten? Tenzij dan van de plicht tot gezondheid gepropageerd door de steeds talrijkere idiopathische azijnzurige kruisvaarders van de monitory democracy.

Het betonnen beleid wordt door rechterlijke uitspraken zoals de klimaatzaak, de Brusselse lage-emissiezone, de Kaaimantaks en de kinderopvangzaak tot actie gedwongen, maar botst op het maatschappelijk draagvlak. Het politiek bestel bazuint ambities, maar de realiteit produceert voetnoten. Morrelen in de marge, gekneld tussen gekwelde berusting en gespeelde verontwaardiging waarbij de onmacht het zwaarst lijkt te wegen, is het enige is wat rest. Het blijft wachten tot het ogenblik dat men, zoals in Slowakije, uit parlementaire bezigheidstherapie een maximumsnelheid van 6 kilometer per uur voor voetgangers op de trottoirs verordonneert in ons vrolijk Absurdistan. De dommen blijven onder dit burlesk cabaret verbijsterend zelfverzekerd en de intellectuelen vol Cartesiaanse dubio.

Is de toestand ernstig maar niet hopeloos, of hopeloos maar niet ernstig?

Het heden bedroeft mij en de toekomst verontrust mij (Tocqueville).

Afgezien van voetbal en wielrennen is er nauwelijks nog sprake van een verbindende gemeenschapssemantiek. We hebben meer middelen, kennis, data en technologie dan ooit, maar gedeelde doelen ontbreken. De inverse correlatie tussen kennis en actie is tenhemelschreiend. Ruimtevaartideologieën à la Elon Musk blijven op zijn best autohypnotische projecten tegen de achtergrond van ubiquitaire zinloosheid.

We hebben meer communicatiekanalen dan ooit, maar luisteren blijft een nichevaardigheid. Velen worden meegesleurd in de maalstroom van desinformatie en verdrinken in het afvoerputje van de digitale wereld.  Feiten delven het onderspit wanneer zij moeten concurreren met verhalen die beter verkopen. Auctoritas non veritas facit legem.

Taalgehydrateerde en logofobische media creëren steeds meer synchrone podia waarop niet-presteerders in de schijnwerpers staan met hun Eldorado van halve waarheden. Filisters, vermomd als holistische experten, spuien er hun mening over alles en iedereen met ongeziene epistemische arrogantie. Een ongekende verificatie- en auditinflatie voedt de tendens om vertrouwen niet langer te vertrouwen. Inflatoire verontwaardiging wordt de dagdagelijkse munteenheid en sociale media een parallelle rechtszaal. Gesprekken veranderen in loopgraven van onafgebroken beoordelingen. Reputaties worden gemaakt en gebroken zonder procedure, zonder hoor en wederhoor. Het stalinistisch spreken regeert: Ik veronderstel, de ander ontkent dus is de beschuldiging terecht.

De rechtstaat kraakt niet luid, hij slijt geruisloos bij gebrek aan onderhoud!

Rage, rage against the dying of the light (Dylan Thomas)

Tranen vallen niet op in de regen. Het heeft geen zin om fatalistisch te worden. Elke crisis kan ons immers iets leren en “A smooth sea never made a skilled sailor” (F.D Roosevelt).

Wij moeten enkel terug leren om grote dingen van onszelf te eisen en om ons vol overgave te storten op een geweldige gemeenschappelijke onderneming. In stormachtige tijden als deze moet de kunst om woorden te verzinnen die aan boord van de werkelijkheid op de horizon wijzen prevaleren. Mensen zien best wel in dat ze een lotsbestemming delen en zij verlangen daarbij nog steeds hartstochtelijk naar verbanden die hun persoonlijke vrijheid niet in de weg zitten.

De omstandigheden vragen wel om een andere aanpak. De eigenschappen om op volle zee te overleven zijn andere dan diegene die vlak bij de vertrouwde kust nodig zijn.

Wij kunnen ons laten inspireren door Taleb die ons richtlijnen aanreikt voor niet voorspellende besluitvorming in onzekere omstandigheden. Hij leert ons dat we schokken niet alleen kunnen overleven, maar er beter van worden door niet te streven naar volledige controle, maar naar robuuste waarden, optionaliteit en flexibele strategieën.

We moeten vrijheid verzoenen met verbinding, angst omzetten in zorgvuldigheid, fouten transformeren in nieuwe kennis, inzetten op redundantie en besturen en ondernemen met skin in the game waarbij we niet investeren in businessplannen maar in mensen.

Wisdom comes from experience, innovation from fresh eyes. Strong organizations embrace both.

Dat doen wij bij GD&A Advocaten elke dag en onze intrapreneurs zijn hier het beste bewijs van.

Onze medewerkers bewegen zich dagelijks tussen beleid en praktijk, tussen ambitie en uitvoering, tussen wat moet en wat kan. Zij kennen de regels, maar ook hun gevolgen. Zij stellen innovatie, klantgerichtheid, strategisch denken en waardecreatie centraal. Dat maakt van hen geen technici, maar publieke scharnierfiguren; geen solisten maar bouwers van een nieuwe samenleving. In een wereld van zichtbaarheid en profilering illustreren zij de meerwaarde van discretie, degelijkheid, bedachtzaamheid en continuïteit, en daar zijn wij beretrots op. Recht, wijsheid en duurzaamheid is iets heel anders als het ritme van breaking news. Soms heeft een voetnoot meer impact dan een persbericht.

Schaamteloze handelaars in de rechtstempel van het heden maken veel lawaai en verkopen de rivieren flessen water. Wij kiezen echter voor een ander traject. Wij maken het recht niet eenvoudiger dan het is, maar wel begrijpelijker dan het vaak wordt voorgesteld. Wij voeren u niet nodeloos mee op troosteloze bergpaden, maar bieden uitzichten. Het is onze perifere visie aan de uiterste rand van het zichtveld die het verst oplossingsgericht vooruitkijkt voorbij het voor de hand liggende en halfslachtige.

Als public-minded professionals beschouwen wij het recht als moreel minimum. Het blijft de gemeenschappelijke grammatica wanneer dialoog faalt, en het verhindert dat antifragiliteit nagestreefd wordt ten koste van fragiliteit van anderen. Het recht zal de wereld niet redden. Maar zonder recht wordt zelfs redden een juridisch probleem.

Misschien wordt 2026 wereldwijd geen jaar van grote doorbraken. Maar als het een jaar wordt waarin conflicten iets minder escaleren, beslissingen iets zorgvuldiger worden genomen en vertrouwen iets minder vanzelfsprekend doch iets bewuster en duurzaam rechtstatelijk wordt opgebouwd, dan is dat geen klein resultaat. Hier zetten we bij GD&A Advocaten graag en persistent onze schouders onder.

Dignitas non moritur. Beschaving is geen vanzelfsprekendheid, het is een keuze.

Wij danken iedereen die al jaren deze keuzes met ons maakt en we wensen u allen een antifragiel en rechtstatelijk 2026.

Auteur(s):

Cies Gysen

Leave a Reply